Zilverboeken

Bibliotheek Rijksmuseum

Bibliotheek Rijksmuseum

Als je de bestanden van de Rijksmuseum bibliotheek doorloopt, kom je verschillende soorten boeken over zilver tegen. In het kielzog van de eerste Nederlandse zilver tentoonstelling in 1880 verschenen naar Duits voorbeeld merkenboeken: overzichten van het bewaard gebleven zilver met afbeeldingen van de merken, geordend per stad, jaar en meester. Iedere zilverspecialist gebruikt ze elke dag; juist dit type publicaties maakt het nu nog mogelijk om voorwerpen met zekerheid met elkaar te verbinden. Voorwerpen met dezelfde merken zijn in dezelfde stad, in hetzelfde jaar en in hetzelfde atelier ontstaan.

H.E. van Gelder en E. Voet, Merken van Haagsche Goud- en Zilversmeden, Den Haag 1941

H.E. van Gelder en E. Voet, Merken van Haagsche Goud- en Zilversmeden, Den Haag 1941

De relatief recente explosie aan publicaties betekent niet dat zilveren voorwerpen voor 1880 niet werden verzameld of gewaardeerd. Handboeken waren tot 1800 overbodig omdat voordien ieder zilvercentrum over een gilde beschikte. Merken konden op aanvraag worden geïdentificeerd aan de hand van de meesterboeken en de koperen platen, waarop iedere zilversmid verplicht zijn naam en meesterteken aanbracht. Gespecialiseerde taxateurs adviseerden de verzamelaar. Zij beoordeelden de authenticiteit en de eigenhandigheid, van belang omdat de zilverwaarde van een object en de kunstwaarde daarvan ook toen al aanzienlijk konden verschillen.

Vorstenhuizen bezaten uitgebreide schatten en gaven soms geïllustreerde catalogi uit. Eén van de eerste is de in 1509 verschenen Dye zaigung des hochlobwirdigen hailigthums der Stifftkirchen aller hailigen zu Wittenburg, waarin Lucas Cranach (1473-1552) in 117 pagina’s de volledige, door Friedrich der Weise (1463-1525) bijeengebrachte, collectie relieken en reliekhouders afbeeldde. De volgorde waarin ze worden besproken, volgt de kijkroute van de bezoeker, en in de kolommen wordt precies verteld wat de inhoud van bijvoorbeeld het borstbeeld van Petrus in de zesde gang, en de kusplaat in de zevende gang was. Net een moderne tentoonstellingscatalogus.

Lucas Cranach, twee pagina's uit een tentoonstellingscatalogus, Wittenberg, 1509-1510.

Lucas Cranach, twee pagina’s uit een tentoonstellingscatalogus, Wittenberg, 1509-1510.

Niet alleen de relieken waren belangrijk; doordat de materialen worden gespecificeerd, wordt de bezoeker gewezen op de kostbare uitvoering van de houders. Ook de vormgeving deed er toe; waarom anders zou de vorst Cranach hebben ingeschakeld om het geheel in prent uit te geven?

Niets van dit alles bleef bewaard, en catalogi als deze zijn dan ook voor de zilverspecialist een belangrijke bron. In eerste instantie bieden ze een visuele indruk van de samenstelling en de variatie van een laatmiddeleeuwse vorstelijke kerkschat. Daarnaast geven ze ons een idee van het samenspel tussen inhoud, materiaalkeuze en uitwerking. Samen vormen ze zo een belangrijk handvat voor de bestudering van wel bewaard gebleven hoogtepunten van de kerkelijke edelsmeedkunst. Maar dat is een ander verhaal.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s